woensdag 6 maart 2013
De griep !
Jawel, de griep kan je ook in Afrika krijgen ! Bij deze een geweldige reden om de blog weer te heropstarten !
vrijdag 19 maart 2010
Visa halen op de Congolese ambassade
Sarah haalt haar visum voor Congo op dat in de voormiddag ging klaar zijn. Het is 11h :
Mevrouw achter de balie : ‘Ah, vous êtes déjà là?’
Sarah : ‘Oui’
Mevrouw achter de balie : ‘Ne vous inquiétez pas, le visa est prêt’
Sarah : ‘OK, merci’
Mevrouw achter de balie : ‘Avez-vous l’argent avec vous?’
Sarah geeft haar het geld, waarop de mevrouw achter de balie het in het paspoort stopt. Ze begint aan een ander dossier.
Mevrouw achter de balie : ‘Veuillez patientez SVP’
Sarah wacht geduldig aan de balie en begint wat observaties te maken. De balie bestaat uit een in witte muurverf geschilderde deur waarin een houtplankje is uitgesneden, waarachter de mevrouw aan haar bureau zit. In het gat in de deur kan je enkel je hoofd steken door het een kinkslag links (of rechts) te bewegen, dan je hoofd door het gat te steken en dan je hoofd weer recht te zetten. Maar dat mag niet… Dus moet je zijdelings met haar praten, het is te zeggen: als zij praat, moet je langs de deur/muur heen kijken om toch je oor door het gat naar haar te richten. Als je begrijpt wat er bedoeld wordt.
Plots :
Mevrouw achter de balie : ‘Veuillez patientez SVP, je vais prendre des photocopies’
De mevrouw achter de balie zet zich recht, buigt zich zover mogelijk voorover en klapt het houtplankje voor Sarah haar neus dicht. Balie gesloten.
Meneer achter Sarah in de rij : ‘A-t-elle dit qu’elle va prendre des copies?’
Sarah : ‘Oui’
Meneer achter Sarah in de rij (heel teleurgesteld): ‘Oh non ! Il n’y a pas de photocopieuse ici ! Maintenant nous ne savons pas du tout pour combien de temps elle est partie !’
LAP!
Mevrouw achter de balie : ‘Ah, vous êtes déjà là?’
Sarah : ‘Oui’
Mevrouw achter de balie : ‘Ne vous inquiétez pas, le visa est prêt’
Sarah : ‘OK, merci’
Mevrouw achter de balie : ‘Avez-vous l’argent avec vous?’
Sarah geeft haar het geld, waarop de mevrouw achter de balie het in het paspoort stopt. Ze begint aan een ander dossier.
Mevrouw achter de balie : ‘Veuillez patientez SVP’
Sarah wacht geduldig aan de balie en begint wat observaties te maken. De balie bestaat uit een in witte muurverf geschilderde deur waarin een houtplankje is uitgesneden, waarachter de mevrouw aan haar bureau zit. In het gat in de deur kan je enkel je hoofd steken door het een kinkslag links (of rechts) te bewegen, dan je hoofd door het gat te steken en dan je hoofd weer recht te zetten. Maar dat mag niet… Dus moet je zijdelings met haar praten, het is te zeggen: als zij praat, moet je langs de deur/muur heen kijken om toch je oor door het gat naar haar te richten. Als je begrijpt wat er bedoeld wordt.
Plots :
Mevrouw achter de balie : ‘Veuillez patientez SVP, je vais prendre des photocopies’
De mevrouw achter de balie zet zich recht, buigt zich zover mogelijk voorover en klapt het houtplankje voor Sarah haar neus dicht. Balie gesloten.
Meneer achter Sarah in de rij : ‘A-t-elle dit qu’elle va prendre des copies?’
Sarah : ‘Oui’
Meneer achter Sarah in de rij (heel teleurgesteld): ‘Oh non ! Il n’y a pas de photocopieuse ici ! Maintenant nous ne savons pas du tout pour combien de temps elle est partie !’
LAP!
zondag 21 februari 2010
Broek nat!
Wat is er zo leuk aan zwembadfeestjes? Grappen uithalen natuurlijk!
Wat doe je indien je een broek vindt van iemand van wie de broek absoluut in het water moet belanden? Neen, je gooit ze er niet zomaar in, dat is te flauw… Je zoekt een manier waarop de persoon zijn broek zelf in het water gooit! En dat is ons gisteren gelukt :
Sarah trok de broek van de persoon aan in plaats van haar eigen broek en bleef al babbelend langs de rand van het zwembad staan. Iemand ging tegen de persoon van de broek zeggen dat Sarah echt eens in het zwembad moest belanden, maar dat hij had beloofd haar er niet in te duwen. De persoon was direct te vinden voor het opknappen van dit werkje en duwde zonder het te beseffen zijn eigen broek in het water. Hihihi !
Wat doe je indien je een broek vindt van iemand van wie de broek absoluut in het water moet belanden? Neen, je gooit ze er niet zomaar in, dat is te flauw… Je zoekt een manier waarop de persoon zijn broek zelf in het water gooit! En dat is ons gisteren gelukt :
Sarah trok de broek van de persoon aan in plaats van haar eigen broek en bleef al babbelend langs de rand van het zwembad staan. Iemand ging tegen de persoon van de broek zeggen dat Sarah echt eens in het zwembad moest belanden, maar dat hij had beloofd haar er niet in te duwen. De persoon was direct te vinden voor het opknappen van dit werkje en duwde zonder het te beseffen zijn eigen broek in het water. Hihihi !
vrijdag 29 januari 2010
Supporter allemaal mee!
Op de tennisclub is er vanalles aan het veranderen: er komt blijkbaar een echte tennisschool, de president van de club gaat niet meer meedoen met de nieuwe verkiezingen van de club, hij is trouwens een beetje verderop aan het strand een echt resort aan het bouwen (en ja, er zal ook een tennisterrein zijn!), er zijn heuse werken gebeurd en paadjes en bloemetjes aangelegd (toch aan één kant van de club), er wordt ’s avonds meer en meer gevochten om een terrein te bemachtigen (er kan niet op voorhand gereserveerd worden, zelfs al neem je ‘les’, en er zijn maar 6 terreinen verlicht) en het meest spijtige nieuws: er staat geen Burundees meer op de ATP-ranking. Dit laatste om de simpele reden dat je natuurlijk tornooien moet winnen, maar om tornooien te kunnen winnen, moet je eerst al het inschrijvingsgeld en de reiskosten kunnen betalen vooraleer je mag en kan deelnemen.
Binnen enkele weken wordt er opeenvolgend in vijf verschillende landen (Burundi, Rwanda, Uganda, Kenya en Tanzania) een tornooi georganiseerd. De start is in Burundi. Leuk! Spijtig genoeg is het een tornooi dat niet meetelt voor de wereldranking, maar er kan natuurlijk wel geld gewonnen worden. Als je de eerste match wint, krijg je $75, als je de tweede ook wint, krijg je $125 en zo verder tot dat je $600 dollar bijeen hebt geraapt.
Cuma, de vroegere nummer 2 van Burundi, is heel optimistisch. Hij gaat voor de $3000 en het is hem gegund! Het is spijtig dat zo een talent dat met zoveel plezier op het tennisveld staat niet verder geraakt om financiële redenen.
Op zijn 16 jaar heeft zijn nonkel (die ook trainer is op de tennisclub) hem leren tennissen. Nu (hij is er 26), is hij waarschijnlijk wel de beste van de club. Hij pakt zo ongeveer al de onmogelijk te pakken ballen, past zich aan ons niveau aan als hij met ons speelt, vindt het hoe dan ook leuk om met mij een dubbel gemengd te spelen (ook al sla ik er tegenwoordig toch soms eens goed naast) en is een strenge, maar rechtvaardige trainer. Kortom, ik hoop dat hij wint!
Binnen enkele weken wordt er opeenvolgend in vijf verschillende landen (Burundi, Rwanda, Uganda, Kenya en Tanzania) een tornooi georganiseerd. De start is in Burundi. Leuk! Spijtig genoeg is het een tornooi dat niet meetelt voor de wereldranking, maar er kan natuurlijk wel geld gewonnen worden. Als je de eerste match wint, krijg je $75, als je de tweede ook wint, krijg je $125 en zo verder tot dat je $600 dollar bijeen hebt geraapt.
Cuma, de vroegere nummer 2 van Burundi, is heel optimistisch. Hij gaat voor de $3000 en het is hem gegund! Het is spijtig dat zo een talent dat met zoveel plezier op het tennisveld staat niet verder geraakt om financiële redenen.
Op zijn 16 jaar heeft zijn nonkel (die ook trainer is op de tennisclub) hem leren tennissen. Nu (hij is er 26), is hij waarschijnlijk wel de beste van de club. Hij pakt zo ongeveer al de onmogelijk te pakken ballen, past zich aan ons niveau aan als hij met ons speelt, vindt het hoe dan ook leuk om met mij een dubbel gemengd te spelen (ook al sla ik er tegenwoordig toch soms eens goed naast) en is een strenge, maar rechtvaardige trainer. Kortom, ik hoop dat hij wint!
donderdag 30 juli 2009
Tandarts
De tandarts in België is al een heel gebeuren. Sarah moet niet hebben van al die boormachines, spiegeltjes, metalen pinnen en om dan nog maar te zwijgen over de spuitjes!
Spijtig genoeg (zelfs na grondige controle in België – maar ik denk dat de grote hoeveelheid opgestuurde chocolade en snoepjes hier toch een beetje voor verantwoordelijk is ;)), kreeg Sarah tandpijn. Na twee weken alles proberen om toch maar niet naar de tandarts te gaan, heeft ze de strijd moeten opgeven: vanaf dat moment kon de strijd met de tandarts beginnen.
Niet dat de tandarts (een Egyptenaar) niet vriendelijk is : in het gewone dagelijkse leven (dus NIET als zijnde tandarts!) is het een aangenaam persoon. Maar wanneer hij in zijn functie is, beraamd Sarah alle soorten plannetjes om ervoor te zorgen dat zijn boormachines zo plots niet meer werken en zijn spuitjes niet meer kunnen prikken en zijn tandtrekkers niet meer kunnen trekken. Toegegeven: het leven van een tandarts is hard, vooral met Sarah in de buurt.
Drie keer is ze in Burundi al naar de tandarts geweest: een keer voor een voorlopige vulling (in de oude praktijk), een keer voor het herdoen van de voorlopige vulling (in de oude praktijk), want de tandpijn stopte niet, en dan een laatste (hopelijk allerlaatste!) keer voor een echte vulling (in de nieuwe praktijk).
Tijdens het eerste bezoek aan de tandarts heeft Sarah voor het eerst gemerkt dat zo een ijzeren pin zowaar nóg een erger werktuig kon zijn dan ze eerst dacht: toen de tandarts vroeg waar ze juist pijn had en Sarah de plaats aanwees, werd de pin goed in het gat geduwd met de vraag ‘Is dít het gat dat je bedoelt?’. Ja dus…
Nadien was het moment om te boren. In België had Jelle ooit al eens de vraag gekregen of hij zonder verdoving wou proberen. Stoere Jelle vond dat geen slecht idee, maar veranderde toch zeer snel van gedachte. Niet zo stoere Sarah kon niet van gedacht veranderen, want de tandarts was gewoon niet van plan om verdoving te gebruiken, we zaten ten slotte in zijn oude praktijk en daar had hij geen verdoving meer voorhanden.
De leuningen van de stoel waren in die praktijk al helemaal beschadigd: logisch! Elke keer er dieper geboord werd en Sarah nog meer ‘aaaaaah’ riep, nam ze eveneens de leuningen van de stoel zeer stevig vast. Is dit nu een reactie om te beletten de tandarts klop te geven of is het een automatische reactie dat we ons opspannen om het pijngevoel meer te kunnen verdragen of beide? Geen idee, maar toen Sarah vroeg of die laatste keer boren écht nog moest en het antwoord van de tandarts affirmatief was, was het bijna zeker dat het om de eerste reden ging.
Alleszins, de patiënt nadien is Sarah’s held geworden: deze had anti-stress veringen bij om goed dicht te knijpen, hét bewijs dat je in de tandartspraktijk afleiding moet hebben.
Tijdens het tweede bezoek aan de tandarts ging het er iets rustiger aan toe. Er werd niet zo diep en niet zo vaak geboord, dus Sarah met een goed gevoel naar huis.
Die vulling kon er trouwens nog lang in blijven steken, maar Sarah was per ongeluk de tandarts tegengekomen en die vroeg wanneer ze voor de definitieve vulling zou komen. Geen uitvluchten mogelijk, op naar het derde bezoek!
Het derde bezoek vond plaats in de nieuwe praktijk. Alles was mooi en netjes en in het nieuw. Weliswaar met de gekende Afrikaanse problemen: het water stroomt toch niet automatisch in het bekertje, hoe lang je ook op het nieuwe knopje van de nieuwe tandartsstoel duwt, want er is simpelweg niet voldoende waterdruk op de leidingen. Het is geweten dat de beste machines voor in Afrika nog steeds die machines zijn die op de aloude manier werken, zonder al te veel prularia. Maar dit ter zijde gelaten, we waren daar immers voor de definitieve vulling van Sarah’s tand.
Sarah krijgt een mooi, nieuw, gedesinfecteerd slabbetje aan en ziet de mooie, nieuwe, gedesinfecteerde boor op haar afkomen. De tandarts zegt op de geliefde tandartsen-toon dat hij gaat boren en als het écht te veel pijn doet, mag er voor een verdovingsspuitje gevraagd worden. Slechts één keer op meer dan een half uur tijd heeft de tandarts over het spuitje gesproken. Dít was dus de moment suprême!
Bon, het boren start, Sarah zet zich scherp (= klampt zich aan de nieuwe stoelleuningen nog beter vast dan tevoren) en het ‘aaaaaaaaaah’-geroep (op een hele lage, zagende manier) kan beginnen. Als hij na de zoveelste keer boren en spoelen vraagt of het gaat, antwoordt Sarah ‘ça fait mal’, waarop de tandarts rustig verder gaat met boren.
Nu, mensen die Sarah een beetje kennen, weten dat ze op dit moment met een dilemma zat: Sarah heeft namelijk een geweldige schrik van spuitjes en dan zeker voor spuitjes van de tandarts! Ze zou dus zelf nooit om een spuitje hebben gevraagd en de tandarts heeft ook nooit nog zelf het voorstel opnieuw gedaan voor het zetten van een spuitje. Conclusie: De hele ingreep is gebeurd zonder verdoving en Sarah kan u verzekeren: dat doet pijn! Maar ze is nu wel zo fier als een gieter dat ze dit alles heeft doorstaan zonder spuitje.
De tandarts zei na afloop wel dat er nog drie gaatjes zijn, maar ze moet zich geen zorgen maken, want ze kan er nog zeker een half jaar mee rondlopen: dit beloofd!
PS Toch echt bedankt aan al de mensen die hebben bijgedragen voor de postpakketten en cadeautjes uit België!
PS Dank u aan de mama die Sarah bijstond tijdens haar vele tandartsbezoeken.
Spijtig genoeg (zelfs na grondige controle in België – maar ik denk dat de grote hoeveelheid opgestuurde chocolade en snoepjes hier toch een beetje voor verantwoordelijk is ;)), kreeg Sarah tandpijn. Na twee weken alles proberen om toch maar niet naar de tandarts te gaan, heeft ze de strijd moeten opgeven: vanaf dat moment kon de strijd met de tandarts beginnen.
Niet dat de tandarts (een Egyptenaar) niet vriendelijk is : in het gewone dagelijkse leven (dus NIET als zijnde tandarts!) is het een aangenaam persoon. Maar wanneer hij in zijn functie is, beraamd Sarah alle soorten plannetjes om ervoor te zorgen dat zijn boormachines zo plots niet meer werken en zijn spuitjes niet meer kunnen prikken en zijn tandtrekkers niet meer kunnen trekken. Toegegeven: het leven van een tandarts is hard, vooral met Sarah in de buurt.
Drie keer is ze in Burundi al naar de tandarts geweest: een keer voor een voorlopige vulling (in de oude praktijk), een keer voor het herdoen van de voorlopige vulling (in de oude praktijk), want de tandpijn stopte niet, en dan een laatste (hopelijk allerlaatste!) keer voor een echte vulling (in de nieuwe praktijk).
Tijdens het eerste bezoek aan de tandarts heeft Sarah voor het eerst gemerkt dat zo een ijzeren pin zowaar nóg een erger werktuig kon zijn dan ze eerst dacht: toen de tandarts vroeg waar ze juist pijn had en Sarah de plaats aanwees, werd de pin goed in het gat geduwd met de vraag ‘Is dít het gat dat je bedoelt?’. Ja dus…
Nadien was het moment om te boren. In België had Jelle ooit al eens de vraag gekregen of hij zonder verdoving wou proberen. Stoere Jelle vond dat geen slecht idee, maar veranderde toch zeer snel van gedachte. Niet zo stoere Sarah kon niet van gedacht veranderen, want de tandarts was gewoon niet van plan om verdoving te gebruiken, we zaten ten slotte in zijn oude praktijk en daar had hij geen verdoving meer voorhanden.
De leuningen van de stoel waren in die praktijk al helemaal beschadigd: logisch! Elke keer er dieper geboord werd en Sarah nog meer ‘aaaaaah’ riep, nam ze eveneens de leuningen van de stoel zeer stevig vast. Is dit nu een reactie om te beletten de tandarts klop te geven of is het een automatische reactie dat we ons opspannen om het pijngevoel meer te kunnen verdragen of beide? Geen idee, maar toen Sarah vroeg of die laatste keer boren écht nog moest en het antwoord van de tandarts affirmatief was, was het bijna zeker dat het om de eerste reden ging.
Alleszins, de patiënt nadien is Sarah’s held geworden: deze had anti-stress veringen bij om goed dicht te knijpen, hét bewijs dat je in de tandartspraktijk afleiding moet hebben.
Tijdens het tweede bezoek aan de tandarts ging het er iets rustiger aan toe. Er werd niet zo diep en niet zo vaak geboord, dus Sarah met een goed gevoel naar huis.
Die vulling kon er trouwens nog lang in blijven steken, maar Sarah was per ongeluk de tandarts tegengekomen en die vroeg wanneer ze voor de definitieve vulling zou komen. Geen uitvluchten mogelijk, op naar het derde bezoek!
Het derde bezoek vond plaats in de nieuwe praktijk. Alles was mooi en netjes en in het nieuw. Weliswaar met de gekende Afrikaanse problemen: het water stroomt toch niet automatisch in het bekertje, hoe lang je ook op het nieuwe knopje van de nieuwe tandartsstoel duwt, want er is simpelweg niet voldoende waterdruk op de leidingen. Het is geweten dat de beste machines voor in Afrika nog steeds die machines zijn die op de aloude manier werken, zonder al te veel prularia. Maar dit ter zijde gelaten, we waren daar immers voor de definitieve vulling van Sarah’s tand.
Sarah krijgt een mooi, nieuw, gedesinfecteerd slabbetje aan en ziet de mooie, nieuwe, gedesinfecteerde boor op haar afkomen. De tandarts zegt op de geliefde tandartsen-toon dat hij gaat boren en als het écht te veel pijn doet, mag er voor een verdovingsspuitje gevraagd worden. Slechts één keer op meer dan een half uur tijd heeft de tandarts over het spuitje gesproken. Dít was dus de moment suprême!
Bon, het boren start, Sarah zet zich scherp (= klampt zich aan de nieuwe stoelleuningen nog beter vast dan tevoren) en het ‘aaaaaaaaaah’-geroep (op een hele lage, zagende manier) kan beginnen. Als hij na de zoveelste keer boren en spoelen vraagt of het gaat, antwoordt Sarah ‘ça fait mal’, waarop de tandarts rustig verder gaat met boren.
Nu, mensen die Sarah een beetje kennen, weten dat ze op dit moment met een dilemma zat: Sarah heeft namelijk een geweldige schrik van spuitjes en dan zeker voor spuitjes van de tandarts! Ze zou dus zelf nooit om een spuitje hebben gevraagd en de tandarts heeft ook nooit nog zelf het voorstel opnieuw gedaan voor het zetten van een spuitje. Conclusie: De hele ingreep is gebeurd zonder verdoving en Sarah kan u verzekeren: dat doet pijn! Maar ze is nu wel zo fier als een gieter dat ze dit alles heeft doorstaan zonder spuitje.
De tandarts zei na afloop wel dat er nog drie gaatjes zijn, maar ze moet zich geen zorgen maken, want ze kan er nog zeker een half jaar mee rondlopen: dit beloofd!
PS Toch echt bedankt aan al de mensen die hebben bijgedragen voor de postpakketten en cadeautjes uit België!
PS Dank u aan de mama die Sarah bijstond tijdens haar vele tandartsbezoeken.
vrijdag 24 juli 2009
Ijdeltuit
zaterdag 4 juli 2009
Zánzibarrr
- Zon, zee, strand en een lekker afkoelende regen

- Snorkelen tussen geweldig mooie vissen, koralen en andere zee-wezens




- Overdadig kreeft eten op het strand met als dessert de lekkerste soorten fruit


- Zwemmen tussen de dolfijnen op aanraak-afstand: ze hadden ons toch niet in de gaten, ze waren te druk bezig met ‘faire de l’amour’

- Jambo, jambo Bwana: je kan er niet onderuit, je zal dit liedje horen!
- Hakuna matata: jawel, zowat de meest uitgesproken woorden daar!

- De kruidentocht op hoogst toeristische wijze: maar nu weten we eindelijk ook hoe muskaatnoot eruit ziet buiten de vorm die je in de puree doet!Wie haalt er vierop vier?
- Cocktails à volonté in het hotel à volonté

- ‘Didn’t you forget anything?’: de woorden van een zeer sympathieke gids (ook al zag hij er niet uit ;)) met leuke chauffeur

- Zwoele beach boys (lap, dat is zwaar gelogen ;))
- Op een onbewoond ei-ei-eiland : en zingen maar!
Spijtig dat ik het filmpje niet op de blog krijg!
- Jelle en zijn mama die zijn gaan duiken

- Bootje varen! Joepieeeeee! Zeilen! Joepieeeeeee!


- Stonetown : een halve dag is niet voldoende!

- Alfred, de heremietkreeft

Met andere worden : GESLAAGD!

- Snorkelen tussen geweldig mooie vissen, koralen en andere zee-wezens




- Overdadig kreeft eten op het strand met als dessert de lekkerste soorten fruit


- Zwemmen tussen de dolfijnen op aanraak-afstand: ze hadden ons toch niet in de gaten, ze waren te druk bezig met ‘faire de l’amour’

- Jambo, jambo Bwana: je kan er niet onderuit, je zal dit liedje horen!
- Hakuna matata: jawel, zowat de meest uitgesproken woorden daar!

- De kruidentocht op hoogst toeristische wijze: maar nu weten we eindelijk ook hoe muskaatnoot eruit ziet buiten de vorm die je in de puree doet!Wie haalt er vierop vier?
- Cocktails à volonté in het hotel à volonté

- ‘Didn’t you forget anything?’: de woorden van een zeer sympathieke gids (ook al zag hij er niet uit ;)) met leuke chauffeur

- Zwoele beach boys (lap, dat is zwaar gelogen ;))
- Op een onbewoond ei-ei-eiland : en zingen maar!
Spijtig dat ik het filmpje niet op de blog krijg!
- Jelle en zijn mama die zijn gaan duiken

- Bootje varen! Joepieeeeee! Zeilen! Joepieeeeeee!


- Stonetown : een halve dag is niet voldoende!

- Alfred, de heremietkreeft

Met andere worden : GESLAAGD!
Abonneren op:
Posts (Atom)


